A A+
Zoeken:

Informatie

Gebroeders Boomsma

Gebroeders Boomsma

“Bruggenbouwers tussen generaties” 

De Boomsma’s. Een onafscheidelijke tweeling die op velen een onuitwisbare indruk maakten met hun grote collectie foto’s en filmmateriaal. De avontuurlijk en sportieve broers werden in 1901 geboren en gingen op jonge leeftijd al op de fiets naar het buitenland op vakantie. “Deze mannen hebben zoveel meegemaakt en konden zoveel vertellen”, legt Jaap Reedijk, beeldend kunstenaar, uit. “Helaas zijn ze een beetje uit het zicht geraakt.” Maar met het monument dat hij voor de tweeling maakte hoopt Reedijk dat deze geschiedenis van het eiland levend blijft.

 Reedijk kreeg de opdracht voor het monument dat sinds vorige zomer aan de haven van Middelharnis prijkt. “De Boomsma’s zaten gelijk in m’n achterhoofd. Het vingerling van Middelharnis is uitgesleten omdat zij er elke dag liepen. Het is de plek waar ze het meeste kwamen, hun wandelgebied. Ik heb nog een film waarop ze te zien zijn, precies op het plekje waar nu het monument staat.”

 De tweeling staat afgebeeld zoals de meeste mensen hen zich herinneren: met een lange jas en baret. Zelfs de schommelde beweging waarmee ze door het dorp liepen, heeft Reedijk in beeld gebracht. “Het waren statige en grote jongens. Ondeugend in hun doen en laten. Als ze vertelden over de avonturen die ze samen hadden beleefd in het buitenland, lieten ze elkaar ook nooit uitpraten. Ze vulden elkaars zinnen aan.”

 Reislustig

De broers Han en Rien Boomsma hebben veel gezien van de wereld. “In de begin jaren op de fiets met een tentje achterop. Later gingen ze naar hotels en pensions. Voor die tijd was het heel ongewoon om op vakantie te gaan. Zo vertrokken ze op 17e jarige leeftijd, net na de Eerste Wereldoorlog, op de fiets naar België. Met munitie en helmen achterop de fiets kwamen ze weer terug op Flakkee. Ze waren naar de loopgraven geweest. Dat deed echt niemand. Ze verwezenlijkten een jongensdroom.”

 

“Alles wat ze zagen legden ze vast. Bij terugkomst deelden ze dat met iedereen die het wilde zien en horen. Ze vonden het ook wel leuk om in de belangstelling te staan. Ze gingen overal heen om hun dia’s te laten zien. Voor een waardebon en een bos bloemen gingen ze naar de Hoeksche Waard, Voorne-Putten of Schouwen-Duiveland om te vertellen over hun reizen.”

 Ondanks hun reislust, bleven ze op het eiland wonen. “Het was hun thuis. De Boomsma’s hadden de behoefte aan een vaste plek om naar terug te keren. Een plek waar al hun foto- en filmmateriaal lag opgeslagen. Ze hadden ook weet ik niet hoeveel dozen met dia’s. Als je de ene kastdeur opendeed, moest je de andere tegenhouden dat niet alles naar beneden kwam kletteren. Het huis was werkelijk vol gestouwd met van alles en nog wat; één groot museum van alles wat ze afgereisd hadden.”

 Maar niet alleen plaatsen ver weg werden vastgelegd. “Tijdens de Watersnoodramp legden ze vast hoe het Goeree-Overflakkee verging.” In hun eigen drukkerij, die ze in 1934 van hun vader overnamen, maakten en drukten ze het boek ‘Gebroken Dijken in een grote oplage. Ze verzorgden zelf de vormgeving met de verschillende prachtig ingevouwen kaarten.

 Oorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog vervulde de tweeling een dubbelrol. Aan de ene kant werkten ze voor de Duitsers en drukten ze onder andere de Nederlandse vertaling van Mein Kampf. “Door op deze manier het vertrouwen van de Duitsers te winnen, konden ze in hun drukkerij veel voor het verzet doen. Zo wisten ze bijvoorbeeld valse papieren te drukken waardoor Flakkeese mannen en jongens op het laatste moment gered werden van een treintransport om voor de Duitsers te gaan werken.”

 

Toch werd deze dubbelrol hen niet altijd in dank afgenomen. “Ze werkten voor de moffen. En konden zich niet openlijk verdedigen door uit te leggen hoe het mes aan twee kanten sneed. Ze zouden dan het verzetswerk in gevaar brengen. De Boomsma’s kregen een stempel vanwege de oorlog. Daar hebben ze heel erg mee gezeten. Dat heeft dwarsgezeten en heeft een groot deel van hun leven beheerst.”

 Ook tijdens de oorlog in Indonesië speelden de Boomsma’s een rol. “Ze gingen naar Indonesië en namen van te voren LP’tjes op met een ingesproken boodschap voor de Flakkeese soldaten daar.  Op die manier verbonden ze de uitelkaar getrokken families met elkaar. De Boomsma’s waren boodschappers en bruggenbouwers.”

 Erfgoed

“Bruggenbouwers, dat zijn ze eigenlijk nog steeds; bruggenbouwers tussen generaties. Als je nu nog ziet hoeveel ze losmaken. Rondom het beeld dat ik van ze heb gemaakt, stellen toeristen vragen over de markante figuren aan langslopende eilandbewoners. De oudere mensen vullen de gesprekken aan. Het is mooi om te zien dat de tweeling nog zoveel oproept.”

 Reedijk zou graag nog eens een boek over de tweeling maken. “Als eerbetoon. Ik weet nog lang niet alles van de Boomsma’s en ik wil heel graag nog meer over ze te weten komen. De Boomsma’s zijn één grote geschiedenis, en de verhalen zweven er omheen. Deze geschiedenis van het eiland moeten we met elkaar levend houden.”

 Zwemmen

De Boomsma’s waren ook fanatieke zwemmers. Op het Havenhoofd hebben ze zo’n 600 kinderen leren zwemmen. Han was de langeafstandszwemmer van de twee. Vanuit een nalatenschap van de broers Boomsma worden er bij zwemclub ‘De Schotejil’ nog elk jaar acht bokalen uitgereikt die naar de broers zijn vernoemd. “Per slag een voor de meisjes en een voor de jongens”, legt trainer Arie Noordijk uit. “Deze Boomsmabokalen zijn voor degene die zijn of haar tijd op de desbetreffende slag het meest heeft verbeterd in een jaar tijd. De Boomsmabokaal wordt elkaar jaar na de clubkampioenschappen in december uitgereikt. De bekers worden vaak gewonnen door de startende zwemmers; een stimulans om door te gaan met de sport.”

 

 


Opties: Bekijk op kaart Google Routeplanner Locatie Erfgoedlijn GO Onderwerp Kunst en Cultuur Thema Kunst aan de haven




Pagina terug